Een gebouwregistratie, meer dan alleen een materialenpaspoort

In gebouwen en infra-objecten bevinden zich veel grondstoffen die schaars zijn. Om te voorkomen dat deze materialen en producten bij sloop of renovatie verloren gaan, is registratie essentieel. Digitalisering van de informatie over welke materialen en producten zijn toegepast biedt uitkomst. Wie echter denkt dat een gebouw- of infraregistratie in Madaster slechts dient om een materialenpaspoort te maken heeft het mis.

Bij het registreren van een gebouw of infra-object in Madaster wordt een volledig digitaal en dynamisch dataregister van het betreffende object gemaakt; een digital twin. Hierdoor beschikken ontwikkelaars, eigenaren, beheerders of bouwers van vastgoed en infrastructuur 24/7 niet alleen over de materiële waarde, maar ook over de circulaire en financiële waarde van hun vastgoedportefeuille. Afschrijven naar nul behoort tot het verleden en sturen op basis van actuele data maakt gebouw/infra-beheer een stuk interessanter. De koppeling met verschillende (inter)nationale databronnen met bijvoorbeeld financiële data of milieudata van producten vanuit Environmental Product Declarations (EPD) verschaft gebruikers relevante informatie. Zeker met het oog op bestaande en mogelijk ook toekomstige wet- en regelgeving en subsidieverstrekking. Partnerships met gerenommeerde organisaties onderstrepen dit. Welke extra inzichten biedt een gebouwregistratie aan gebruikers van het Madaster platform? En waarom is het voor ontwikkelaars, eigenaren en beheerders van vastgoed en infrastructuur zo waardevol om over deze inzichten te kunnen beschikken? We vroegen het aan Paul van Doorn (Senior Planontwikkelaar bij Giesbers Ontwikkelen en Bouwen), Tom Blankendaal (Projectmanager Circular Economy bij BAM Bouw en Vastgoed Nederland) en Gilles de Jong (Business Innovator bij Bouwinvest).

Is de grondstoffenschaarste de grootste motivator voor het registreren van materialen en producten binnen vastgoed en infrastructuur?

Het feit dat we in Nederland gemiddeld drie aardes aan grondstoffen per hoofd van de bevolking consumeren, maakt volgens Blankendaal pijnlijk duidelijk dat er iets moet veranderen: ”We eten de aarde momenteel langzaam op. Dit heeft desastreuze gevolgen voor toekomstige generaties. We moeten ons gedrag radicaal veranderen. Binnen de bouwsector is het van belang dat we bouwen met hernieuwbare materialen, slimmer ontwerpen en gebruikte grondstoffen en producten registreren in Madaster.” Van Doorn sluit zich hierbij aan en wijst op de kwetsbare rol van de bouwsector die de afgelopen maanden pijnlijk duidelijk is geworden: “Als grootverbruiker van grondstoffen kan onze sector flink onder druk komen te staan door het geopolitieke speelveld. Met het registreren van materialen en producten kunnen we in ieder geval waarborgen dat in de toekomst grondstoffen en producten binnen de gebouwde omgeving hoogwaardig hergebruikt kunnen worden. Dat is niet alleen financieel, maar ook maatschappelijk van belang.” En die maatschappelijke waarde alleen is al reden genoeg voor een pensioenbelegger als Bouwinvest om tot gebouwregistratie over te gaan. De Jong: “We hebben besloten nu hierin te investeren omdat we de maatschappelijke waarde van materiaalregistratie onderstrepen, iets wat we naast ons financiële rendement als belegger van pensioengeld erg belangrijk vinden.”

Registratie alleen was op een gegeven niet meer voldoende?

Terwijl het voor Bouwinvest nog de eerste stap is om te onderzoeken wat exact nodig is voor gebruik richting operationele processen, maakt Giesbers Ontwikkelen en Bouwen al volop gebruik van alle functionaliteiten van Madaster. Van Doorn: “Omdat wij actief zijn in de gehele vastgoedcyclus van initiatief tot einde levensduur, kunnen wij al veel voordeel halen uit registratie van projecten in Madaster. Zo kunnen we in het ontwerp de mate van circulariteit meetbaar maken met de circulariteitsindex, alsmede de materiaal impact en de CO2-impact ervan door het genereren van MPG-berekeningen (MilieuPrestatieGebouw). Samen met onze opdrachtgever kunnen we dan onderzoeken in welke mate we de vooraf gestelde ambitie waar kunnen maken en/of verbeteren.”

Dat er veel winst te behalen valt door in het ontwerpproces slimme keuzes te maken, weet ook Blankendaal. Daar zit volgens hem de belangrijkste gedragsverandering: “Registratie zie ik als enabler van circulair bouwen.” Ook de ontwikkeling die BIM de afgelopen decennia heeft doorgemaakt, biedt volgens hem veel houvast: “We hebben steeds meer functionaliteiten aan het digitaliseringsproces toegevoegd. In onze BIM-modellen zijn in de loop der tijd planningen, kostencalculaties, duurzaamheidsparameters en beheer- en onderhoud functionaliteiten toegevoegd. Een materialenpaspoort en gebouwendossier is ook een output van dit proces.”

Welke koppelingen met databronnen zijn voor jullie interessant en waarom?

Zowel Van Doorn als Blankendaal zijn het erover eens dat de LCA (levenscyclusanalyse) van de verschillende materialen en producten die in gebouwen worden toegepast zo compleet mogelijk moet worden vastgelegd. Van Doorn: “Dit geeft inzicht in vervuiling, uitputting van grondstoffen en emissies van broeikasgassen. Allemaal impact die we zo veel mogelijk willen terugbrengen en op termijn moeten elimineren.” Maar ook koppelingen met databases van producenten zijn ontzettend belangrijk volgens Blankendaal: “Hierdoor wordt het proces om een gebouwpaspoort te maken verder geautomatiseerd en daarmee goedkoper om een kwalitatief hoogwaardig paspoort te kunnen genereren. Dit helpt bij het standaardiseren van paspoorten voor de gehele bouwsector.”

Welke inzichten zijn voor jullie vooral waardevol om over te kunnen beschikken?

Zowel Blankendaal als De Jong zien meerwaarde in een 3D view van het gebouw waarin elementen geselecteerd kunnen worden en vervolgens de eigenschappen van die elementen in beeld komen. De Jong voegt hieraan toe: “Als we voor renovaties inzicht kunnen krijgen in de nieuwe CO2-voetafdruk van onze gebouwen middels een renovatie simulator kunnen we circulairder denken en handelen.” Ook voor particuliere woningbezitters is dit volgens Blankendaal interessant: “Een goed gebouwendossier helpt eigenaren bij het maken van de juiste keuzes bij een renovatie of uitbouw van de woning.”

Is een ontwikkelaar, eigenaar of beheerder van vastgoed of infrastructuur met een gebouwregistratie in Madaster goed voorbereid op de toekomst?

De Jong, Blankendaal en Van Doorn zijn er allen van overtuigd dat registratie de eerste stap is in de transitie naar circulair bouwen. Blankendaal verwacht bovendien dat een materialenpaspoort over niet al te lange tijd een verplicht onderdeel wordt bij de oplevering van gebouwen. Blankendaal: “Dan kun je maar beter je processen daar nu al op in gaan richten.” Volgens Van Doorn dien je met registratie de gehele vastgoedcyclus van een gebouw en helpt het om vooraf gestelde (duurzaamheid)ambities te monitoren. Van Doorn: “Samen met ketenpartners kan het materialenpaspoort tot aan oplevering steeds gedetailleerder gevuld worden met data die weer relevant is om over te beschikken tijdens de gebruiksfase en einde levensduur. Dit allemaal om maximaal bij te kunnen dragen aan financiële én maatschappelijke toekomstwaarde.” De Jong voegt hieraan toe: “Het is lastig om de gebouwwaarde in 2050 te voorspellen, maar het is zeker dat de waarde niet maximaal is als het gebouw niet Paris Proof en klimaatbestendig is én je niet weet uit welke materialen het bestaat.”

VERTALEN »